pH-graad meten

In mijn werk moet ik vaak de pH meten. Ik krijg regelmatig de vraag wat de pH nou precies inhoudt en hoe je de pH meet! Dus dat leg ik ook graag uit in mijn blog.

In de scheikunde werken we met zuren en met basen. Zuren en basen kunnen met elkaar reageren. Dat heet een chemische reactie.

Zuren: van zuur zullen jullie vast wel eens gehoord hebben. Zuur is namelijk ook een smaak (“wat is deze citroen zuur!”). Maar zuur is niet alleen een smaak, maar ook de naam voor een soort chemische stof. Voor citroen is dit citroenzuur. Voor bedorven melk is dat melkzuur! En voor schoonmaakazijn is dit azijnzuur.

Basen: een base kennen we niet als smaak, maar dus wel als soort chemische stof. Een base is het tegenovergestelde van een zuur. Om in de schoonmaakmiddelen te blijven, zuiveringszout is bijvoorbeeld een basische stof in baking soda.

Neutraal: Niet alle stoffen zijn zuren of basen, sommige stoffen zijn neutraal, zoals bijvoorbeeld water.

Met de zuurgraad meten we de sterkte van zuren en basen. Dit noemen we ook wel het meten van de pH. Je kunt van iedere stof de pH bepalen. Hiervoor gebruik je pH-strips. Hou de pH-strip aan de bovenkant vast en dip hem dan voor 3 seconde in de vloeistof zodat alle kleurtjes nat worden. Daarna kijk je naar het middelste vakje van de strip, de indicator. Die geeft een kleur aan. Deze kleur komt overeen met een andere kleur op het papiertje, die geeft de gemeten pH aan.

● Een zuur heeft een pH-waarde tussen 0 en 7.
● Een neutrale stof heeft een pH-waarde gelijk aan 7
● Een base heeft een pH-waarde tussen de 7 en 14